woensdag 28 mei 2014

Dan heb je al haast en dan lijken ze dat op de één of andere manier gewoon aan te voelen en er alles aan te doen om die situatie te verergeren. Er is altijd wel wat. Ava lust ineens geen korstjes meer. Sem walgt van zijn vitaminepilletje en maakt kokhalsgeluiden. “Nou! Papa!! Sem zit met zijn voeten aan me onder de tafel!” Dan protesteert Ava ook nog even de tegen kledingkeuze van die ochtend. Sem wil vandaag slippers, “want die heeft echt iedereen aan mam!” Dan heb je dat allemaal gehad en kun je snel haren kammen, snuitjes wassen en tandjes poetsen. De fietsen uit de schuur gehaald. Ohwja, De broodtrommeltjes in de tasjes, wat drinken en een fruitje. Alles is gereed voor vertrek naar school en dan heb je ineens dit…

Twee snikkende kinderen. De schoudertjes afhangend, hoofdjes voorover gebogen, machteloos toekijkend hoe een anders zo slome, dikke rooie kater, er een sadistisch genoegen in schept om een piepklein vogeltje in de lucht te meppen en vervolgens weer op te vangen. Ik had al gezien dat het vogeltje het inmiddels ‘niet meer deed’, maar dat kwartje was bij de kleine dame en heer nog niet gevallen.

De kreten “NEE Rakker!” en “WAAROM?” en nog wat woorden waarvan ik niet had gedacht dat ze die kenden, galmen door de tuin op de vroege ochtend. Rakker lijkt zich hier weinig van aan te trekken en kijkt met een woest triomfantelijke blik terug, het vogeltje tussen zijn kaken geklemd. Ik voel de bui al aankomen en leg me neer bij het feit dat we niet op tijd gaan komen vandaag.

Het lukt me om Rakker zijn prooi afhandig te maken. Verbolgen en hevig beledigd, zoals alleen katten dat kunnen zijn, wandelt hij met een zekere arrogantie de tuin weer in. Ondertussen uitleggend dat de natuur soms hard kan zijn en dat gezonde vogeltjes zich niet door poesje laten vangen, maar juist alleen de zieke en zwakke vogeltjes, graaf ik een gaatje en wordt het vogeltje ter aarde besteld.

Snuffend en snotterend staan ze naast me in de regen.
“wil iemand nog iets liefs over het vogeltje zeggen?” vraag ik heel serieus.
Sem zegt niks en staart naar zijn voeten. Ava haalt een hand langs een snotneusje en wil nog wel even iets zeggen.

doei vogeltje…

Je moet geen doei zeggen!” vindt Sem. “Dan zeg je rust zachtjes ofzo!
Ava is het daar niet mee eens. “Doei mag heus wel Sem!

Het rouwproces heeft alweer plaatsgemaakt voor een potje Welles-Nietes.  Vlug zet ik Ava in het fietszitje, spring op de fiets en geef aan dat eigenlijk alles goed is om te zeggen op zo’n moment en dat we nu echt door moeten fietsen. Ava steekt haar tong uit naar haar grote broer.

Met het zweet op mijn voorhoofd vervloek ik in stilte ‘die dikke rooie’ en fiets ik in een stevig tempo naar school.

Altijd maar die haast…   

donderdag 22 mei 2014

03:55 uur. 
"Pap! Er is brand! Ik zie overal vlammetjes beneden!"

Daar waar ik normaal eerst op de wekker zou kijken en dan, lichtelijk geprikkeld, een korte discussie zou voeren om de ernst van de situatie in te schatten, neemt nu een dierlijk gevoel van overleven bezit van me. Met vijf treden tegelijk ren ik naar beneden en kijk ik, met een wilde blik in mijn ogen, de woonkamer rond. Een dikke rooie kater op een kussentje doet geïrriteerd één oog open en kijkt me aan alsof hij wil zeggen, "Is er wat?"

Boos loop ik weer naar boven en boven aan de trap zie ik zijn glazige, dromerige ver-weg-blik al. Zucht... Sem slaapwandelt en heeft vaak erg levendige dromen. Ik stuur hem weer naar bed en ik zie hem als een  gehoorzame slungelige zombie weer naar zijn kamer sloffen. 

"Wat was dat nou vannacht?" Vroeg ik hem vanmorgen.
 Vragend kijkt hij naar me op.

Laat maar...

woensdag 21 mei 2014

Al anderhalve maand ligt er boven op de kast, in het zicht van een ieder, een blaadje met daarop de kaart van Nederland. Aan de ene zijde is dit blaadje voorzien van de namen van een aantal grote plaatsen, aan de andere zijde zijn deze plaatsnamen weggehaald.  Met een kinderlijk, schools handschrift staat bovenaan het blaadje TOETS en een datum geschreven. Al zeker drie keer heb ik hem gewaarschuwd voor deze naderende datum. Drie keer kreeg ik een zelfde soort antwoord, namelijk: “Komt wel pap! Ga ik morgen wel even doen”

Nu ligt dat blaadje op tafel. De datum is morgen en nu is er stress en paniek. Met zijn hockeytas in zijn hand, gekleed in hockeyoutfit, belooft hij dat hij na de training vlug gaat eten en dan echt zijn topo gaat leren. Vriendinnetje Britt, voorzien van zelfingenomen grijns, demonstreert ter plaatse nog even dat zij alle plaatsen wel uit haar hoofd kent. Dat vindt Sem niet leuk. :þ

Ik overhoor hem voor het slapen gaan en het is werkelijk rampzalig. Hij ziet al aan me dat het niet zo best is. Zijn moeder roept iets over ‘Alles op het laatste moment doen’. Dat draagt niet bij aan zijn humeur op dit moment. Diverse emotionele pieken wisselen zich in een ras tempo af en hij wil het nog een keer proberen.

Het gaat maar ietsje beter en zijn grote, eerlijke ogen kijken zorgelijk naar me op.

“Hoe moet dat nou morgen pap?”

Ik kijk hem aan en vertel hem dat de dingen waar je het meest van leert in je leven, de momenten zijn dat je beseft dat je iets niet helemaal juist hebt aangepakt en dat je het dan helemaal zelf moet oplossen.

Ik zie aan hem dat hij dat snapt, maar het nog lastig vindt om helemaal te accepteren hij het zelf is die dit niet zo handig heeft gedaan.

Dan  verschijnt een grijns op zijn mooie gezichtje en de paniek die daar zo even nog was heeft alweer plaatsgemaakt voor kinderlijke onbezorgdheid.

“Ik neem mijn blaadje anders wel mee naar bed zo Pap!  En dan leer ik morgenvroeg nog even, en dan op school nog even. Dan lukt het wel hoor.”


Ik ben benieuwd…  (Succes Semmie!)


zondag 11 mei 2014

Een beetje timide zit ze op mijn schoot achter de computer. We hebben zojuist een pittig gesprek achter de rug over het vaststaande feit dat lippenstift op de lipjes van mooie meisjes hoort en niet op poesjes! Een dikke traan rust nog op haar mooie rode wangetje. Niet zo zeer van verdriet , maar eerder van frustratie, omdat Rakker niet wilde blijven zitten toen ze met  een snoetenpoetser het bewijsmateriaal wilde wegpoetsen.

wil je het niet tegen mama zeggen?” vraagt ze me smekend.

Streng kijk ik haar aan en vervolgens naar een dikke sullige rode kater, vol met roze/rode vegen. Lijkt me lastig verbergen... Mijn inwendige ikke rolt ondertussen gierend en hikkend over de grond, maar ik weet mijn gezicht knap in de plooi te houden.  

Ik was al begonnen aan een hilarisch schrijfsel op de e-mail in de richting van mijn werkende vrouw, maar ik vertel Ava dat we zo eerst even gaan kijken of we Rakker weer helemaal schoon kunnen krijgen en als ze dan belooft nooit meer zoiets uit te halen,  ik dan niets tegen mama zal zeggen.

Achterdochtig kijkt ze me aan, haar vingertje wijst naar het computerscherm en ze zegt “ja maar, daar staat Ava en daar staat Rakker!?”

Crap! Da's waar ook.. ze kon al een beetje lezen!

zaterdag 3 mei 2014

Al eerder schreef ik een stukje over de christelijke kleuterschool. Ooit hebben we namelijk, weloverwogen,  een goede school voor de kinderen uitgezocht. Alle voors en tegens tegen elkaar afgestreept en vooral ons gevoel laten spreken. Het toeval wil dat de school waar we uiteindelijk voor gekozen hebben een christelijke school is. De mensen die me kennen weten dat ik een geheel eigen mening heb over iets relatiefs als religie, maar als dat dan alleen maar inhoudt dat ze “dankbaar” zijn voor het begin van de dag en af en toe een paar van die liedjes leren, dan vind ik dat verder prima hoor.

Ok, als Ava achterop de fiets, met haar beide handjes in de lucht, heel hard “Hij is opgestaan, Hij Leeft! Hij Leeft!!” zingt, dan vraag ik wel even om een ander liedje. Het arme kind zingt gewoon een leuk liedje, zonder zich druk te maken over de strekking van de tekst, maar dat gaat me dan weer net iets te ver.

Thuis mag het wel. Thuis mag alles. Papa luistert naar metal, mama is van de top 40 en alles wat daar tussenin zit komt wel op de stereo voorbij. Muziek is de blikopener van de ziel, dus zing maar zo veel en zo hard als je wilt. Dus ja, ook die liedjes.

“Wil je een nieuw liedje horen pap?!”

Natuurlijk wil ik dat!

Genietend van haar schattige zachte kinderstemmetje, mij onderwijl verbazend over het gemak waarmee kleuters in no time een aantal coupletten in hun bolletjes weten te stampen, luister ik naar de tekst en kijk ik toe hoe ze haar oogjes dicht doet en haar vroomste gezichtje opzet.

“Met mijn handjes samen en mijn oogjes dicht, zit je zachtjes aan me, vader van het licht..”


… “Halt! Stop!”

Zit je zachtjes aan me?” “Gaat dat liedje echt zo Ava?”

Ava knikt driftig van ja en verzekert me dat de juf het liedje ook zo zingt.
Meteen raadpleeg ik Google en zoek ik naar de lyrics van bovenstaande song. Dat lukt ook gewoon bij die liedjes!  Phew.. tot mijn grote opluchting zie ik dat het zing ik zachtjes amen is..  “Amen Ava!”

Ava gelooft me niet helemaal en geeft aan dat ze het toch minder mooi vindt zo. Nou, lekker zo blijven zingen dan meid.. maar wel binnen in huis! :P


Follow me on Twitter!