donderdag 6 maart 2025


Nooit meer slapen - ga je daar dood aan?
Twee Amsterdamse meisjes die elkaar nog nooit hebben ontmoet, zitten elke nacht gevangen in hetzelfde mistige huis. Deuren verdwijnen. Stemmen fluisteren vanuit de muren. Wakker worden lijkt steeds moeilijker.
Als de dromen in hevigheid toenemen en ze ook nog begint te slaapwandelen, nemen voor de zestienjarige Ava ook de persoonlijke problemen toe. School glipt uit haar vingers en energydrinks zijn het enige wat haar nog overeind houdt. Alles lijkt ineens heftiger binnen te komen. En waarom ziet ze steeds vaker een vreemde gloed rond sommige mensen?

Haar ouders denken dat ze aan de drugs is. Maar Ava weet beter. Die ander heeft hulpnodig, maar iemand - of iets - wil dat ze blijft slapen. Waar komen die dromen vandaan? Wat betekenen ze? Waarom moet in dat huis de ene deur open blijven en de andere gesloten? Wie is dat andere meisje, en waarom zijn ze daar samen? Durft ze nog wel te slapen? Hoe lang kun je wakker blijven voordat de dromen je vinden? Laat je meeslepen naar een schaduwwereld waar dromen, werkelijkheid en verborgen gaven in elkaar overvloeien.

Met de paranormale jeugd thriller Dromen voorbij de dood debuteert Allard Muller als auteur. Geïnspireerd door de mysterieuze wereld van dromen en nachtmerries, schrijft hij verhalen die je lang na het dichtslaan van het boek nog bijblijven.

Mijn boek is via Kobo of Kindle HIER als E-pub te lezen.
Wil je het als een echt boek lezen, dan kun je HIER de paperback of hardcover bestellen.

Playlist Spotify: https://open.spotify.com/playlist/7eXxhiKlkBZZKBN1FqJMNK



dinsdag 24 augustus 2021

Briesend en boos fietst ze opeens naast me. Ik versta niet wat ze zegt, want uit m’n koptelefoon komt een heerlijk deuntje gitaargeweld, maar het is vast niet heel aardig want haar mimiek spreekt boekdelen. Geen idee wie ze is, maar ze is kennelijk heel kwaad op me. Kort haar, bril, iets jonger dan ik, type bibliotheekjuf. 

 

Snel ga ik in mijn hoofd na waar ik haar van zou moeten kennen en wat ik haar zou hebben aangedaan, maar er komt geen aha-moment. Ik heb ook niemand afgesneden tijden het fietsen. Sterker nog ik heb helemaal niemand gezien. Ik zag alleen de verzorgpaardjes van mijn dochter bij het hek staan en toen ik daar langsfietste klakte ik met mijn tong en riep ik ze even. Glimlachend en vrolijk, omdat ze dan altijd heel blij terug hinniken, fietste ik vervolgens verder. En dan ineens dit!

 

Me van geen kwaad bewust stop ik, doe ik mijn hoofdtelefoon af en vraag wat er aan de hand is. Ze kruist haar armen over elkaar en vraagt me of ik dat normaal gedrag vind? Ik geef aan dat ik geen idee heb wat ze bedoelt. Dat ergert haar nog veel meer want ze zucht heel hard. “Nou, vrouwen zo naroepen!” “Ik ben geen Snoepje!” Haar ogen spugen vuur en lijken door haar bril nog groter. Terwijl ik dit schrijf kan ik hier nu enorm om lachen, maar op dat moment was de irritatie ook op mijn gezicht te zien. Allereerst om het feit dat ik überhaupt niemand ooit zo zou naroepen en misschien ook omdat deze dame nou niet bepaald een lekker snoepje was! Maar ik snapte ook ineens waar dit misverstand vandaan kwam.


Ik vraag haar om even achterom te kijken naar de verzorgpaardjes van mijn dochter en dat doet ze argwanend. “Die dikke bruine heet Spot en die kleine met vlekken heet SNOOPY!” maak ik haar duidelijk. In een nanoseconde draait ze om als een blad aan een boom. Met hoogrode wangen stamelt ze wat excuses en ze doet alsof ze het allemaal één grote grap vindt. Ze geeft me zelfs kameraadschappelijk een mep op m’n schouder. Ik stap weer op mijn fiets en wens haar een fijne dag terwijl ik haar daar laat staan. Als ik op mijn werk aankom ben ik nog steeds geërgerd. Als ik vertel wat me is overkomen vindt iedereen het heel grappig. Ach, dat is het ook eigenlijk wel… vanmiddag maar eens even naar de bieb, misschien werkt ze daar wel echt!  “ Hey pssssst! … “

 

donderdag 17 juni 2021

Nog een dikke knuffel en daar gaat ze hoor, klaar voor het schoolreisje naar Hellendoorn. Korte broek aan, hip shirt, telefoon en pinpas mee. En ook een klein tasje met niets anders dan een bidon met drinken. Hrmm, daar hoort volgens mij ook nog een grote zak snoep in te zitten die ze eergisteren zelf heeft geschept  bij het Kruidvat. Zo'n zelfde zakje lag gisteren heel toevallig leeg in de prullenbak. Dat is bijzonder toch?

 "Je bent je snoep vergeten!" roep ik zogenaamd verschrikt.

 "Awwww, geeft niet…" zegt ze. "Het was toch niet zo veel".  Ze probeert door te fietsen.

"Zeg maar waar het ligt, dan pak ik het even voor je..."  Ze kijkt verschrikt om en ziet meteen aan mijn halve glimlach en priemende blik dat ik het al lang doorheb. Ik kan m'n lachen niet inhouden en geef haar nog een knuffel.

Dat wordt snoep bietsen Aaf. 


zaterdag 28 november 2020

Als we op een rustige zaterdagmorgen naar de manege rijden luisteren we naar een lekker muziekje en natuurlijk kletst Ava alweer honderduit over -geen verrassing- de paarden.  Dan merkt ze ineens op dat ik wel heel rustig rijd als het verkeerslicht op oranje gaat. "Tja, als je nog kunt stoppen dan moet je dat doen, dat is de bedoeling van dit lichtje toch?" geef ik aan.

Ze begint te lachen.. “Weet mama dat dan ook?”  Ik weet al welke kant dit opgaat, dus ik begin ook te grijnzen.

“Bij mama is groen rijden, rood is stoppen en oranje is heeeeel hard rijden. Daarom krijgt ze ook zo vaak een bekeuring!"

 




dinsdag 17 maart 2020

Als je Ava niet opdraagt dat ze wat drinkt, dan gebeurt het gewoon niet. Het is geen onwil, maar deze bezige bij is vaak veel te druk met andere dingen. Het gebruikelijke koekje uit school wordt echter nooit vergeten en een uur na het avondeten heeft ze standaard weer ‘honger’. Maar zelden hoor ik haar opmerken dat ze dorstig is. Zorgen dat Ava drinkt is gewoon iets wat we extra in de gaten moeten houden. En met nadruk op extra, want een glaasje inschenken lukt wel, maar het daadwerkelijk leegdrinken wordt meestal vergeten. Als je haar dan weer eens semi-boos moet opdragen om NU te drinken, roept ze heel verbolgen dat ze al drie glazen drinken heeft gehad. Als je haar dan wijst op drie halfvolle bekers her en der door het huis, dan moppert ze wat en drinkt ze gauw een glas leeg om vervolgens weer verder te kunnen gaan met wat ze aan het doen was. Stiekem moet ik er altijd wel om lachen. Vanmorgen alleen niet zo.

Al bijna twee uur staat er een groot glas melk onaangeroerd op de tafel. Al een paar keer vroeg ik of ze al gedronken had. Van achter een telefoon hoorde ik dan iets in de zin van “Ja zo!”. Als ze vervolgens op haar kamer wil gaan spelen houd ik voet bij stuk. “Eerst drinken, dan spelen!” Mopperend pakt ze het glas op en ik zie het haar zo in de gootsteen leeg gieten. Melk waar ik drie winkels voor heb moeten afkleppen en waarvan er nog maar 1 in de koeling stond! Ik trek meteen wit weg, één ooglid begint te trillen en in gedachten zie ik beelden van een Nederlandse supermarkt waar Corona-hamsteraars vechtend over de grond rollen om het laatste pak melk, afgewisseld met het leeggieten van een groot glas melk in onze gootsteen. Vroeger zeiden m'n ouders dat je geen eten en drinken zomaar moest weggooien, omdat de kindjes in Afrika niets hadden. En wij nu hier dan? Geen pak melk meer in de supermarkt te vinden! 

Ze ziet aan mijn gezicht dat ze nu iets deed wat niet zo heel handig was. Als ik opsta en vraag wat haar in hemelsnaam bezielt, schiet ze meteen in de verdediging. “jamaar Moonie had er uit gedronken pap!!” Tja, dat zou ik ook doen als ik een kat was en daar al twee uur lang een glas melk stond waar niemand zich druk om maakt. 

Ava mag straks lekker op haar fietsje kijken of er nog ergens een pak melk te krijgen is. Leert ze van en dan heeft ze meteen wat te doen. Bidon water mee voor onderweg. 😉



zaterdag 2 november 2019


Vriendjes en vriendinnetjes mogen altijd bij ons blijven eten. Er is echter één regel. Je eet wat wij eten! Ik ga geen tosti maken omdat je iets niet lust, dan heb je gewoon pech. Met die instelling hebben wij onze kinderen ook opgevoed, met als resultaat dat we nu in elk deel van de wereld zonder gezeur in een restaurant kunnen gaan zitten. Deze regel leverde in het verleden nog wel eens grappige tafelmomenten op, maar inmiddels is het kaf van het koren gescheiden en weet de vaste vriendenkring wel wat ze kunnen verwachten. In elk geval weinig Hollandse kost. 

Vandaag speelt Lenthe met Ava. Nadat ik de dames wat hoor smoezen, komen ze samen de keuken in gewandeld, waar ik driftig op wat groente sta te hakken. “Pap, mag Lenthe blijven eten?” Lenthe, van het type ‘wat de boer niet kent’, is nogal kieskeurig en lust niet alles, maar is al over menige grens gegaan terwijl ze bij ons aan tafel zat. Soms met veel smaak een maaltijd etend, maar ook wel eens met lange tanden. Maar ze probeert het altijd en daar heb ik respect voor.

Lenthe mag natuurlijk ook vandaag blijven eten, maar strekt wel haar nek even uit om te zien wat de pot schaft. Ze herkent veel dingen niet, maar wel de sperzieboontjes, knoflook en uitjes. Een gekookt eitje gaat er ook nog wel in. Als ik haar vertel dat we Soto Ajam soep eten zie ik grote vraagtekens in haar ogen. Ava stelt haar gerust door te vertellen dat deze soep heel lekker is, maar wel een beetje pittig. En dat kun je prima oplossen met een slokje water bij het eten.

Aan tafel heeft Lenthe na een paar happen soep al hoogrode wangen en een opvallend glimmend voorhoofd. Ze neemt kleine hapjes en na iedere hap een slok water. Aan alles is te merken dat ze het veel te pittig vindt, maar ze houdt zich groot en blijft toch door eten. Op karakter zeggen we bij defensie. Als ik vraag of ze niet liever een cup-a-soupje tomaat wil zie ik opluchting in haar ogen. In Ava’s ogen zie ik wat verbazing.

Ach, Sommige regels kun je een beetje buigen zonder ze te breken toch?

zondag 22 september 2019

Onderweg naar een hockeywedstrijd in Zwolle luister ik een beetje naar de muziek en krijg ik flarden mee van het gesprek tussen Sem en maatje Tijn. Over de wedstrijd die ze met te weinig mensen moeten gaan spelen en over het feestje waar ze de avond daarvoor samen waren. Ze praten enthousiast en ik word soms in het gesprek betrokken. Dan zegt Sem wat dingen die ik niet helemaal begrijp. Als ik mijn wenkbrauw optrek in de spiegel, moet hij lachen. “Dat is straattaal pap!”

Straattaal… Ik krijg flashbacks van the Fresh Prince of Bell Air. Dat is al weer even geleden. En Waynes World. Ook alweer uit 1992. Daar kwam onze straattaal vandaan. Uit films. Geboren en getogen op de straten van Southside Apeldoorn pikte je wel eens wat Turkse woordjes mee, of wat Bargoens van de woonwagen- of kermisjongens, maar daar bleef het ook bij. Het Algemeen Cool Nederlands van tegenwoordig beheers ik niet echt en dat maakt dat ik me een klein beetje oud voel.

Sem heeft dat uiteraard door een plaagt me door met nog meer van dat soort Suri-Antiliaanse woorden te smijten en de meeste lidwoorden te vervangen door 'deze'.. Hij lacht en houdt zijn vingers in vreemd krampachtige posities terwijl hij met een accentje die woorden blijft uitspreken. Maatje Tijn grinnikt mee.

De situatie irriteert me nu. Ik snap ook dat het een fase is, het horen bij iets, een bepaald groepsproces, maar toch. Keurige blonde hockeyboy die ineens gaat praten als een bontkraagje om zijn vader voor paal te zetten, dat gaan we niet doen!  Na weer een opmerking sla ik snoeihard terug.

Ik fake zijn straataccentje en vraag wat hij nou stoer doet met z’n straattaal. Sem lacht en sputtert nog wat tegen met een zelfde accentje, maar ik dender door.“Straat? Gast, je komt uit Apeldoorn… Niet uit de Bijlmer!” “Kijk jou zitten met je hockeykleren en je blonde haren!” Neppe Gangster!” “Straattaal tsssss… op welke straat heb jij deze geleerd dan? Het schoolplein van het Lyceum?” “De enige straat die jij ooit ziet is die op je telefoonscherm als je in de hoek van de bank hangt”. "Beetje straattaal van Youtube afkijken... tssss".

Tijn heeft lol.
Sem haat me nu.





zondag 7 april 2019


Als het bijna 22:00 uur is vind ik het wel genoeg geweest. Ik was een uur geleden eigenlijk al klaar met dat gehang van die lange puber in de hoek van de bank, maar goed, hij is al 14 hè. In de ene hand een afstandsbediening, in de andere een mobiele telefoon. Gezellige gesprekken worden er niet gevoerd. Alles in zijn wereld speelt zich op dit moment af op twee schermen. Hoort er bij zeggen ze.


Als ik hem mededeel dat hij zo z’n tanden mag gaan poetsen, begint hij meteen te protesteren, compleet met diepe zuchten en rollende ogen. Ik geef hem mijn strenge blik en trek een wenkbrauw op.  Hij kijkt nu smekend en waagt nog één poging. “Jamaar pap, de klok is een uur vooruit gegaan!” “Dus eigenlijk is het pas 21:00 uur!” Hij doet z’n armen over elkaar en geeft me een ondeugende grijns.

Ik schenk hem exact de zelfde grijns. “Ohw, in dat geval gaat de wekker morgen dus ook een uur eerder!”.  Zijn gezicht betrekt een beetje. “Dan heb je die slaap keihard nodig, dus dan zou ik maar gauw gaan slapen!” “Welterusten Sem!”

#Payback  #Nietvoorééngattevangen.  #Puberlife



dinsdag 12 maart 2019


Ze zijn al hartsvriendinnen vanaf de allereerste dag in groep 1. “Pap! Dit is Anna!” Ik hoor het haar zo weer zeggen. Twee piepkleine hummels, hand in hand. Duo Penotti, zeggen we altijd voor de grap. Ava met haar donkere haar en ditto oogjes, Anna hoogblond met blauwe kijkers.  Elke dag zien ze elkaar op school, maar het liefst zien ze elkaar na school ook nog elke dag en ze vervelen zich nooit. Ook vandaag is Anna er weer. Ze zijn de hele middag buiten geweest, maar komen dan ineens naar binnen om een tekening te maken. Met rooie wangetjes zitten ze, met hun jas nog aan, driftig te kleuren en zachtjes te smoezen. Als ik een wenkbrauw optrek beginnen ze te lachen. “Niet zeggen hoor An!”  Als ik langsloop zie ik twee mooie tekeningen. Bovenaan beide kunstwerken staat het woord SORRY gekrast. Ik begin ook te grijnzen. “Wie hebben jullie dan boos gemaakt?” wil ik met een lach weten. Ava kijkt ondeugend, Anna een beetje schuldbewust.

“Ok pap, niet boos worden, maar we hebben belletje geleld!”  
Aan mijn gezicht ziet ze al dat ze daar mee wegkomen en samen moeten we even lachen.  Ik vertel dat ik dit vroeger ook wel heel grappig vond en dát vinden ze mooi hoor! “Maar voor wie is die tekening dan?” vraag ik nu wel heel nieuwsgierig. Beide gezichtjes betrekken een beetje.

Nou we zagen een heeeel oud opaatje de deur open doen en dat vonden we zielig!” Ik kan zien dat ze er oprecht spijt van hebben. “Anna vond het vooral zielig omdat hij zo langzaam naar de deur liep.” Ava knikt instemmend. Ik vertel de meiden dat ik dat heel lief van ze vind en dat deze meneer misschien best nog wel kan lachen om dat grapje als hij die mooie tekeningen ziet. Dat lucht iets op. Al gauw zie ik Duo Penotti weer weghuppelen met hun tekeningen.

Niet veel later doe ik de deur open omdat er wordt aangebeld. Natuurlijk staat daar niemand…

StatCounter

Follow me on Twitter!