woensdag 31 december 2014

Nog even…
Ook oudejaarsavond is eigenlijk zoals elke avond. Er is geen pauze in de opmars van het universum, geen ademloos moment van stilte onder de geschapen wezens die de passage van nog eens twaalf maanden opmerken.
En toch heeft geen mens helemaal dezelfde gedachten op deze avond. Een avond die komt met de duisternis van iedere andere avond, maar waar bloemen van licht deze duisternis en daarmee ook de geesten van het verleden voor een kort moment zullen verjagen. We bezien wat achter ons ligt en bedenken dat een geheel nieuw jaar, vol met kansen en mogelijkheden, nog geheel blanco voor ons ligt als een nieuw en onbeschreven hoofdstuk in het verhaal van ons leven. We stellen doelen en nemen ons dingen voor die we meestal gauw weer vergeten omdat we bang zijn om het oude los te laten. Maar dat verandert nu, toch?!

Nog heel even…
En dan pakken we de pen op en herinneren we ons dat wij de schrijvers zijn van ons eigen boek. We beseffen dat het geheim om vooruit te komen gewoon vooruit gaan is. We beseffen dat weten niet genoeg is, we moeten het toepassen. Dat willen niet genoeg is, we moeten het gewoon doen
Als we immers doen zoals we altijd gedaan hebben, dan zal ons overkomen wat ons altijd overkomt. Dus gaan we ons leven dromen of onze dromen leven

Nog heel even… en dan is jouw hoofdstuk 2015 hier. Maak er wat moois van!
Veel creativiteit, liefde, wijsheid, gezondheid, geluk en rijkdom gewenst!  
(en bedankt voor het altijd trouw lezen van mijn stukjes!)

Allard

donderdag 25 december 2014

Nog een beetje slaperig slof ik de woonkamer binnen, ik wens mijn kinderen een goede morgen en plof naast ze op de bank. Ava klimt meteen op mijn schoot en vertelt dat ze Pietje Bell aan het kijken zijn. In een donkere stoffige kelder zijn we getuige van de oprichting van Pietje’s bende van de zwarte hand. Ik wrijf de slaap uit mijn ogen, rek me eens heerlijk uit en bedank dan Ava en Sem dat ze zo lief en rustig zijn geweest waardoor papa en mama lekker hebben kunnen uitslapen. Dat is toch wel een luxe hoor. Als ik koffie ga zetten komen als gebruikelijk de bestellingen. Ava wil twee crackers, één met pindakaas en één met appelstroop en Sem lust er om te beginnen wel vier. Ik geef aan dat ze nog heel even moeten wachten omdat we straks lekker uitgebreid met z’n allen een kerstontbijt gaan nuttigen.

Ava huppelt met een blij gezichtje de keuken in. “Yay! mag ik dan mijn eitje schilderen?” Haar grote bruine ogen kijken vragend naar me op. Sem begint heel hard te lachen. “Dat mag alleen met Pasen Ava!” Ik lach vrolijk met Sem mee en als ik wil bevestigen dat dit inderdaad een ritueel is dat bij Pasen hoort, kijk ik wederom in die grote bruine ogen, die nu heel teleurgesteld kijken.

Ik heb altijd al een broertje dood gehad aan ‘de dingen doen omdat we ze altijd zo doen’. Gebaande paden zijn er nou eenmaal om soms eens van af te stappen, ook al gaat het hier om een eeuwenoud ritueel, dus ik beloof Ava dat zij gewoon haar eitje heel mooi mag maken met het kerstontbijt. Ik krijg daar een prachtige blije lach voor terug en ze maakt een sprongetje van blijdschap en doet haar vuistje in de lucht.  “Yes!!” “En dan zingen we gewoon Ohw Dennen-ei!

Sem wil nu ook ineens zijn eitje kleuren.


Merry Eggmas you all!!


donderdag 18 december 2014

Het regent zachtjes, het is wat donker buiten en toch is het pas 11:55 uur. Ik had mijzelf onlangs ingeroosterd voor een pleinwacht dienst en die dag blijkt vandaag te zijn. Normaal vind ik dat echt heel leuk om te doen, maar niet als het zo miezert als vandaag het geval is. Ik haal Ava uit de kleuterklas en loop meteen binnendoor naar de kapstok voor mijn oranje pleinwacht hesje. Blij huppelt ze naast me, een tas vol met tekeningen in haar handje, die ik eerst allemaal uitgebreid moet bekijken. “Ik pak wel een vestje voor je pap!” roept ze enthousiast en rent dan naar de kapstok. In de gang staat een man die ik nog nooit gezien heb. “Ben jij er ook voor de pleinwacht?” vraagt hij. We geven elkaar een hand. Berry heet hij. Berry is voor het eerst, dus ik leg hem even snel uit wat precies de bedoeling is. Samen zetten we wat speelgoed buiten, maar de zandbak spullen laten we staan. Daar is het veel te slecht weer voor. Ava vermaakt zich op het schoolplein en ik klets nog wat met mijn collega pleinwacht nu het nog rustig is..

Als de zoemer gaat stroomt meteen het schoolplein vol. Vol met een drukke menigte en vol met regen. Acht kinderen rennen naar de zeven skelters en één druipt teleurgesteld weer af. Op het voetbalveld gaat het meteen los en meteen al ontwijk ik een gele voetbal. De schutter steekt verontschuldigend twee handjes in de lucht en kijkt verschrikt. Ik lach een keer en dan is het al goed. Na een aantal uren in de klas te hebben gezeten kunnen ze eindelijk even ontladen, dat snap ik als geen ander. Ook speelt mee dat ze bijna vakantie hebben. Ze zijn er ook echt aan toe. Binnen twee minuten sussen we al de nodige conflicten en rapen we her en der wat gewonden van de grond. Berry blijkt een natuurtalent want hij is actief aanwezig en gaat heel leuk met de kinderen om.  Allemaal hebben ze in no time natte broeken met moddervlekken, maar dat mag de pret niet drukken. Of het nou regent of niet, een sliding hoort erbij en een keeper duikt nou eenmaal naar ballen. In gedachten heb ik even medelijden met al die moeders die elke avond weer hoofdschuddend die kleertjes in de was staan te doen.

Ava is in geen velden of wegen te bekennen, dus ik besluit een stukje te gaan wandelen. Heel even twijfel ik of ik een paraplu moet pakken, maar dan zijn daar Yfke en Jill die allebei mijn hand willen vasthouden. Zo maak ik een rondje over het schoolplein terwijl de dames gezellig kletsen over wat hen zoal bezighoudt in groep 3. Ondertussen troosten we eerst Thijs die een schop heeft gehad en daarna Gijs die een bloedneus heeft, ook door een schop. Yfke wil wel even met Gijs naar de WC om een doekje voor zijn neus te pakken.  Ook Jaivy meldt zich huilend met een bemodderd oor, ook van iemands voet. Net als ik me afvraag of we de overenthousiaste voetballertjes niet tot een voorzichtiger spel moeten manen, komt er wederom een slachtoffer aangesjokt, hevig overstuur. Deze heeft even wat meer aandacht nodig is mijn eerste indruk, want een perfecte voetafdruk, compleet met zig zag profiel én merkje, ontsiert zijn wang. Zuster Yfke blijft koude doekjes halen. Ava is ondertussen ook binnen gekomen en kijkt met een meelevend gezichtje hoe ik een voetafdruk voorzichtig van een rood wangetje poets. Ik kom helemaal niet meer toe aan de gebruikelijke kletspraat op het schoolplein en voor mijn gevoel zijn we alleen nog maar aan het oplappen en wegsturen. Geen van de slachtoffers blijft echter lang binnen. Na het tranen drogen, snottebellen vegen en een peptalk willen ze allemaal meteen weer verder voetballen.

Als uiteindelijk de zoemer gaat, rent een meute bemodderde, natte kinderen de school weer in. In de school ruikt het naar natte hond en oliebollen. We houden het voor gezien en ik hang gauw mijn hesje aan de kapstok. In de nu lege lerarenkamer had ik eerder al een heel grote schaal met oliebollen zien staan en voordat we naar buiten lopen besluiten we dat we er daar best één van verdiend hebben.
Ik ben aardig gaar en voel m'n wangen gloeien.

Vlak het niet uit hoor! Als pleinwacht ben je immers politieman, verpleger, mediator, clown, scheidsrechter én vertrouwenspersoon. Ook moet je vliegensvlug kunnen schakelen tussen al deze disciplines.

Pleinwacht… Je moet het maar kunnen!   Dat zou best een goede slogan zijn.  ;)



dinsdag 9 december 2014

Links en rechts glibberen ze me voorbij. Een doffe, luide ‘OEFFH!’ klinkt als een man enkele meters voor me tegen de klinkers smakt, zijn adem door de val naar hard buiten blazend. Zijn fietslamp versplintert bij de val en een mandarijntje rolt uit zijn tas. Als ik stop om te vragen hoe het gaat voel ik pas echt hoe glad het is en meteen maak ik me zorgen om het kleine meisje dat achter mij in het fietszitje zit. Dit is gevaarlijk! Ava kijkt nieuwsgierig naar de man die inmiddels weer overeind gekrabbeld is en daarna kijkt ze mij aan. Ik zie aan de manier waarop ze met haar oogjes knijpt, dat ze eigenlijk moet lachen, maar dat uit fatsoen toch maar niet doet. Ik kijk gauw weg, anders komt die lachbui alsnog. Meneer maakt het gelukkig goed, buiten wellicht wat blauwe plekken en flinke een deuk in zijn ego. Hij bekijkt zijn fiets en besluit dan verder te gaan lopen. Meteen daarna komt een jong meisje de bocht om gefietst. Ook zij gaat onderuit en het kratje dat op het rekje voorop haar fiets zat is kapot. Terwijl ze opstaat en haar kratje terugzet, valt ze weer. Met mijn fiets in mijn ene hand help ik haar met de andere hand overeind. Gauw staat ze op en zegt dat het wel gaat. Het is natuurlijk niet cool om door een vreemde te worden geholpen als je twaalf bent en daarnet heel onflatteus op je snufferd bent gegaan. Dan wil je zo snel mogelijk weer weg, dat snap ik. Ook dit meisje besluit te gaan wandelen. Voordat ik nog meer mensen van de grond moet rapen roep ik naar Sem dat we gaan lopen en wandel ik meteen de stoep op.

Geërgerd door het oponthoud zie ik Sem toch op zijn fiets stappen en verder fietsen. “Sem het is heeel glad!” roep ik hem na. Sem moppert iets over dat het allemaal wel meevalt en versnelt zijn tempo. Na nog geen twee meter zwiept zijn achterwiel naar links en gaat hij hard onderuit. Hij glijdt nog zeker een meter verder op zijn achterwerk, zijn fiets nog steeds vasthoudend, en komt dan tot stilstand. Nadat ik me er van heb verzekerd dat het goed met hem gaat, trek ik slechts een wenkbrauw op en grijns met één mondhoek. Ava lacht nu wel hardop. Sem weet genoeg...

Zuur kijkend klopt hij zijn kleren af, zet zijn fietsbel recht en besluit dan ter plaatse dat wandelen toch wel een heel goed idee is.

Door schade en schande wijs worden heet dat toch?
 

Follow me on Twitter!