donderdag 30 maart 2017

Ik zie hem nog zitten. 4 jaar, blonde krullen, een dikke traanrand in zijn oogjes. Ik heb hem zojuist verteld waar zijn stukje vlees van gemaakt is. Hij vroeg er zelf om hoor! En ik ga dan ook niet liegen of er een mooi Disney verhaal van maken. Een stukje vlees komt van de koe! “Maken ze die koe dan dood?” wilde hij weten. Ik knikte en daar werd hij even heel verdrietig om. “Dan wil ik nooit meer vlees!” riep hij boos. Nu hebben heel veel kinderen zo’n momentje, maar Sem hield die belofte. En dat vond ik mooi! Dat hij zo jong al zo stellig een keuze maakt en daar helemaal achter staat. Daar kan ik alleen maar respect voor hebben. Vanaf die dag heeft hij geen vlees meer aangeraakt en werd er ineens ook heel anders gekookt, want een vegetariër heeft andere behoeften. En als je dan zo wat leest en je wat meer gaat verdiepen, dan kom je er achter dat het eigenlijk helemaal niet zo slecht is om geen vlees te eten. Integendeel zelfs. Wij zijn allemaal mee gaan doen met Sem en dat ging ons beter af dan ik verwacht had. Heel af en toe een stukje vlees vind ik nog steeds wel lekker hoor, maar die zijn per jaar op één hand te tellen. 

We zijn inmiddels 8 jaar verder. Een grote vent van 12 is hij nu. Een puber. Zich druk makend om van alles en nog wat, bezig met zijn uiterlijk en reputatie, veel waarde hechtend aan de mogelijke mening van anderen. Maar nog steeds is hij hier niet van af te brengen, wat een ander er ook van vindt of denkt.  Sem is een vegetariër en is daar trots op! Hij is eigenlijk alleen nog maar stelliger. Zelfs geen snoep, “want daar zit varkensgelatine in!” Nog steeds kan hij zich woest maken als er, zoals onlangs weer eens, een slachthuis schandaal in het nieuws is. Daar heeft hij het dan weer even heel moeilijk mee. “Waarom doen mensen dat bij dieren? Ik snap niet hoe je dat kunt doen en ’s nachts lekker kunt slapen?” geeft hij gefrustreerd aan.  Ik kan niet anders dan hem gelijk geven. “Maar… “ vertel ik hem dan. “er zijn mensen die wegkijken en hun kop in het zand steken” “En er zijn mensen zoals jij, die hun gedachten omzetten in daden”. “En juist die mensen maken het verschil in de wereld!”.

Daar moest ik vandaag aan denken toen ik op mijn fiets een stilstaande veewagen passeerde. Over mijn kop in het zand steken, want kijken wilde ik eigenlijk niet. Maar toch deed ik het. Het was een vrachtwagen volgeladen met koeien. Hoeven die schraapten over de houten bodem, hier en daar gesnuif, een dikke natte neus die door een luchtgat naar buiten piepte. Heel even keek ik in een paar koeienogen. Keek ik recht in de ziel van een prachtig lief dier dat misschien nog een uur te leven had.

Sem wat ben je een mooi wijs mens en wat ben ik ontzettend trots op je…

  

donderdag 9 februari 2017

Heb je hem weer geschopt?!” wil ze boos weten. Handjes in haar zij, blik op onweer.“Nou ja!” roep ik beledigd uit. “Natuurlijk niet!

Ze is niet overtuigd en blijft me argwanend aankijken. “Laatst deed je dat ook hoor!
Helemaal niet! Dat was een zetje.” Breng ik ter verdediging in. "alsof jij altijd zo lief voor hem bent!?" (lees: hier en hier)

Sinds mijn dochter gezien heeft dat ik onze dikke rooie kat een handje hielp met zijn besluit om nou wel of niet naar buiten te gaan, word ik beschouwd als een enorme dierenbeul. Daar baal ik best van, want als iemand een kattengek is dan ben ik het wel. Maar goed, als het 6°C onder nul is en binnen lekker behaaglijk, dan ga je toch echt geen tien minuten met de achterdeur open staan wachten tot die dikke voldoende moed heeft verzameld om even snel bij de buren in de tuin te gaan poepen? Nee, dan geef je hem een voorzichtig wipje om hem iets aan te sporen. Een ‘binnenkantje rechts’ zeg maar. Maar volgens Ava kan dat echt niet. Nu komt ze iedere keer aangesneld als Rakker voor de achterdeur staat te piepen, alleen maar om te kijken of ik hem wel netjes in de gelegenheid stel om zijn ‘ding’ te doen. Dat ‘ding’ houdt in dat hij eerst lekker op de drempel gaat zitten om een beetje de winterlucht op te snuiven. Aan de manier waarop zijn oortjes naar achteren bewegen zie ik dat hij nog enige twijfel heeft. Dan gaat hij staan en dan…  nee, hij gaat toch weer zitten. Ik slaak een diepe zucht en zie hoe mijn adem wolkjes vormt. Rakker kijkt op en miauwt een keer naar me alsof hij het nog steeds niet weet. Hij doet het er om! Ik krijg koude voeten en ik hoor de thermostaat klikgeluiden maken. Eén van die koude voeten gaat voorzichtig in de richting van een dikke kattenbips.

Euhhh!” een strenge vermaning en een boze blik. 
Ik lach heel innemend naar Ava en verwens in gedachten die dikke, die nu met zijn oogjes op een kiertje naar me opkijkt. Ik weet dat katten niet kunnen lachen, maar toch…


donderdag 3 november 2016

Met veel geweld wordt er opeens een boek door de kamer geslingerd. In de vlugheid zie ik dat het hier om een paardendagboek gaat. Ava is boos. Met haar armpjes over elkaar begint ze meteen te briesen. “Dat slaat toch helemaal nergens op pap!” “Dan moet je invullen wie je lievelingspaard is en dan moet je er ook neerzetten wanneer die geslacht wordt!” Ze rolt verontwaardigd met haar ogen. “En dat is dan een dagboek voor kinderen!!

Dat is inderdaad wel bijzonder. Als ik het boek van de grond raap en begin te bladeren zie ik al gauw waar de verwarring vandaan komt en met een heel grote grijns reik ik haar het dagboekje aan. Met een opgetrokken wenkbrauw bekijkt ze met enig wantrouwen mijn hand en doet alsof ik haar iets ontzettend smerigs aanbied.

Ik leg haar uit dat met geslacht in dit geval wordt gevraagd of je lievelingspaard een jongetje of een meisje is. Sem begint keihard te lachen. Met een boze blik grist ze het boekje uit mijn vingers.

Je bedoelt een hengst of een merrie pap!” 


vrijdag 23 september 2016

Ava is een echte Tomboy…” hoorde ik laatst iemand tegen me zeggen. In gedachten zag ik de stoere chick die mijn dochter soms kan zijn, dus ik knikte bevestigend. Later begreep ik dat een meisje die zich gedraagt volgens de geslachtsrol die normaal aan jongens wordt toegeschreven, de daadwerkelijke definitie is van een Tomboy. Dat is ze dan ook weer niet. Het is wel een meisje. Ava speelt graag met haar popjes. Ava is gek op haar Schleichpaardjes, houdt van mooie nageltjes, leuke haartjes,  van roze frutsels en draagt regelmatig een prinsessenjurk.

Dat ze met diezelfde prinsessenjurk, pikzwart en onder de viezigheid, zo ineens weer ergens in een boom hangt vind ik dan weer niet zo meisjesachtig maar wel heel grappig om te zien. Dat is die andere Ava. De Ava die onder  de schrammen, blauwe plekken en bulten zit. Ava die op de vuist gaat met haar grote broer. Die lekker luchtig haar schouders op kan halen voor dingen en niet bang is om haar handjes vies te maken.  Ohwja, en wheelies maakt met haar fiets!

Of zoals laatst.. toen ze aanbelde en vroeg om de schep. Trotse blik in haar oogjes. Een stuk of vier jongetjes op gepaste afstand in haar rug. Net toen ik wilde vragen waarom ze die schep nodig had, zag ik al waarom. In haar handjes een nogal dode duif zonder hoofd. “Die’s dood pap! Mag ik hem begraven?”  Prachtig!

Regelmatig vraag ik me hoofdschuddend af wat voor een vrouw dat later gaat worden. En daar waar je je als vader al vrij vroeg zorgen maakt om de mogelijkheid van al die puisterige pubertjes die later van alles van je dochter willen, heb ik voor mijzelf al besloten dat ik medelijden met die arme jongens heb. Deze dame weet wat ze wil! Maar goed, dat is voor later…

Al deze dingen schieten ook nu weer door mijn hoofd. Ik luister al enige tijd ademloos en vol ongeloof naar een indrukwekkende presentatie van één van de rechercheurs die heeft meegewerkt aan de Dutrouxzaak. Ik zie ook geen van mijn collega's tekenen van inkakken of verveling vertonen. Iedereen voelt dit wel hetzelfde denk ik. Ook op het gezicht van deze man is, zelfs na twintig jaar, nog steeds duidelijk te zien wat het met hem gedaan heeft. Enerzijds luister ik met een gevoel van beroepsmatige interesse naar alle tactische aanwijzingen en onderzoeksmethoden die uiteindelijk hebben geleid tot de arrestatie van deze psychopaat. Maar als vader van een dochtertje in de leeftijd van een tweetal slachtoffertjes geeft dit verhaal me een ontzettend naar gevoel in mijn buik.  Deze ouders hadden ook een dochtertje en een bepaalde toekomstvisie. En dan is er ineens geen later…

Later, daar kan van alles tussenkomen. Eerst is er nu en is er straks. En straks ga ik iemand heel hard knuffelen en extra lang voorlezen. Ach, misschien klimmen we ook nog wel even in een boom. Gewoon omdat het kan.


maandag 12 september 2016

Ik stuur Ava vast naar boven en zeg dat ik zo haar tandjes kom poetsen. Ook vraag ik of ze haar kleren alvast uit wil doen. Ik stop ondertussen de laatste glazen in de vaatwasser, haal een doekje over het aanrecht en zet water op voor de thee. Als ik de trap op loop zie ik dat de kamerdeur van Ava dicht is en op haar kamer is het heel stil. Als ik de deur open doe roept ze “hoi pap!” maar niet op haar gebruikelijk blije manier. Er is geen oogcontact, ze legt wat rommeltjes goed die al goed lagen en ze heeft nog steeds haar kleren aan. De meeste ouders krijgen nu die narigheidskriebel die aangeeft dat er iets niet in de haak is. Vorige week zat er nog grijze stuiterbal klei in de lakens. De week daarvoor zat er roze lippenbalsem in het kussensloop. Daarvoor was het… volgens mij de vlek op de muur? Ik weet het al niet eens meer. Ik kijk de kamer rond maar zie nog niets geks.  Ik vraag haar wat ze aan het doen is. “Ohw niks…” ze draait wat nerveus op de ballen van haar voetjes en kijkt in de richting van de kledingkast. Als  het deurtje van die kledingkast ineens open gaat en er een dikke rode, ietwat verwilderde, poes uit wandelt zet ze grote geschrokken ogen op. “Rakker! Wat doe jij daar nou weer?!” roept ze met overdreven veel verbazing. Ik doe mijn armen over elkaar. Ze lacht zenuwachtig en roept naar Sem dat Rakker zomaar in haar kast was gaan liggen.

Sem komt ook kijken en wordt meteen boos op zijn zusje. Hij weet ook al genoeg. Als hij haar vervolgens beschuldigt van het opsluiten van onze poes protesteert ze luid. Dat zou ze nooit doen bij Rakker. Ze zet nijdig haar handjes in haar zij en haar bruine oogjes spugen vuur. Ik spreek Sem semi vermanend toe en geef met een knipoog aan dat ik Ava daar absoluut niet voor aan zie. Poesjes kruipen nou immers heel graag in kasten om daar lekker te kunnen liggen. Ava kijkt alsof ze haar tong tegen haar broer wil gaan uitsteken. Ze denkt dat ze er mee weg gekomen is. Sem gelooft er nog steeds geen bal van. Ava wandelt haar kamer weer in.

Toch knap van Rakker he?” zeg ik met een grote grijns tegen Sem.  Ava stopt in haar beweging en ik zie dat ze meeluistert.

Sem trekt vragend zijn wenkbrauw op en moet al lachen om mijn grijns.  “Nou, dat hij met zijn pootjes ook de kastdeur achter zich dicht kan trekken als hij lekker in Ava’s kast wil gaan slapen.

Samen liggen we slap van het lachen. Ava gooit boos haar kamerdeur dicht.
Ik voel meteen weer schrijfkriebels voor een leuke blog voor in ons archief !

dinsdag 16 augustus 2016

Als Nathalie een klein spijkerrokje in de was wil doen voelt ze dat er nog iets in zit. In de achterzak treft ze een glazen flesje glimspul met daarop een prijsstickertje aan. Als Ava hiermee geconfronteerd wordt zet ze onschuldige ogen op en weet ze natuurlijk van niets. Sem weet echter te vertellen dat ze het in de winkel al in haar handjes had. Ava doet enorm verbaasd en begint te briesen. Daarna volgt er gezeur en een hoop ge-welles en nietus. Nathalie grijpt in en is boos. Ava begint te huilen. Als ze beneden ook nog een pittige confrontatie met papa aan moet, beseft ze de ernst van de situatie en is ze erg timide. Onze dochter heeft gestolen! Een crimineel! Aan tafel is ze verrassend stil voor haar doen en als we vertellen dat ze het flesje morgen zelf moet terugbrengen naar de winkel vindt ze dat niet heel leuk.

’s avonds vertelt ze dat ze het flesje zo mooi vond en dat ze het aan mama wilde laten zien, maar daarna vergeten was om het uit haar zak te halen. Haar puppy ogen zijn bijna overtuigend. Ik trek een wenkbrauw op en vertel dat de boeven tijdens papa’s werk ook wel eens beweren dat ‘iets’ zomaar ineens in hun zak zat, maar dat niemand dat dan echt gelooft.

De volgende dag is het moment van de waarheid. Ze durft niet, maar mama is onverbiddelijk. Met een knuffel in haar ene handje en het flesje in de ander schuifelt ze dan toch naar de kassa en vertelt wat er gebeurd is. De puppy ogen doen ook deze keer hun werk. Het valt mee. Opluchting trekt over haar gezicht als het achter de rug is. Als ik tijdens het eten vraag naar de afloop van het geheel, biecht ze op dat ze het doodeng vond. Helemaal uit zichzelf geeft ze ook toe nooit meer zoiets te willen meemaken. Doel bereikt!

Het opbiechten van haar criminele activiteit moet voor enige opluchting hebben gezorgd, want alsof ze dan ook maar meteen schoon schip wil maken bekent ze (met een ondeugende snuit) ook tussen neus en lippen door alle diefstallen uit de voorraadkast thuis. De paaseitjes, de kinderchocolade, de koekjes... “En die rooie snoepjes van jou pap! Die zijn het lekkerst!” “Die neem ik dan in mijn tas mee naar school om uit te delen!”   

Aan mijn gezicht ziet ze al dat ze daar voor deze keer mee wegkomt...


donderdag 2 juni 2016

Voordat ik ‘s ochtends naar beneden sjok zet ik altijd eerst de deuren van de kinderen open. Dan kunnen ze rustig wakker worden terwijl ik me op de automatische piloot bezig houd met koffie, drinken, broodbakjes, fruit en beschuitjes. Pas na de eerste slokken koffie heb ik het gevoel een beetje wakker te zijn. Dan hoor ik de eerste voorzichtige voetstapjes op de trap. Ava is als eerste beneden gevolgd door haar grote broer.

Er is iets.. dat merk ik meteen. Ava kijkt sip. Een muf net-wakker-kind, met een slaapjurkje, slaapoogjes, slaaphaar en een traanrandje in haar grote bruine ogen. Ik vraag wat er is en ze steekt meteen haar haar armpjes naar me uit, voor ouders het universele gebaar dat zegt: 'wil je me optillen en vasthouden'.  Als ik haar vastpak barst ze in onbedaarlijk snikken uit op mijn schouder. Ik wil nors in de richting van Sem kijken, want ‘hij zal wel weer…’ , maar Sem lijkt net zo verbaasd als ik en haalt vragend zijn schouders op.  Ik wrijf over haar rug en laat haar even gaan. Als ze weer een beetje rustig is vraag ik nogmaals wat er loos is. En terwijl ze naar me opkijkt met ogen vol tranen zie ik dat er het nog lang niet voorbij is. Ook Sem kijkt zorgelijk. "Wat is er toch aan de hand meis?" vraag ik bezorgd.

... “Juf de Boer gaat met pensioen!


Follow me on Twitter!